Circuit du Fartz

Een pittoresk, heel gezellig dorpje en niet overladen van te luidruchtig en overdonderende toeristen, dat centraal ligt aan de Opaalkust, midden tussen Cap Gris-Nez (Swartenesse of Grisenesse) en Cap Blanc-nez (Blankenesse of Witternesse). Een rustig kustdorpje met een lange promenade langs het strand, het typisch kustdorpje met talrijke vakantiehuizen en een klein gezellig centrum rond de kerk met enkele eet- en drankgelegenheden waaronder je zonder enige twijfel de allerbeste mosselen met friet eten kan is ‘Chez Nicole.’ De naam Wissant – Witsant of Wisand – verwijst uiteraard naar het Opalen strand en duidt ook nog op een zekere ‘Vlaamse’ oorsprong ergens vanuit de 12de eeuw. In de vroege middeleeuwen was het een belangrijke haven, die zowel in Dante’s De goddelijke komedie als in het Chanson de Roland vermeld wordt.

De wandeling – die wij wel meerdere malen genoten – tussen de twee kapen is dit kustdorpje de perfecte stopplaats. Want vanuit Wissant kan je ook makkelijk een heen en terug wandeling maken naar een van de twee kapen, waarbij je kan kiezen tussen de waterlijn en de duinen of boven op de krijtrotsen.

Wij verkozen deze maal een lus-wandeling, genaamd Circuit du Fartz dat gelegen ligt tussen de plaatsen Wissant en Cap Gris Nez, loopt dwars doorheen een zeer vogelrijk natuurgebied, het ligt verscholen achter de eerste duinenrij. Vlakbij het toeristisch bureau (achter de kerk van Wissant) vertrekt men via de rue Carrier Belleuse en vervolgens de Impasse Portus om bij het oorspronkelijke startpunt te komen. Daarna de gewoon de wegwijzers volgen, en wees gerust, verloren lopen doe je niet want het is picco-bello aangegeven. Aan de parking ‘la Motte du Bourg’ moet je zeker naar het uitkijkpunt gaan, vanwaar je een mooi uitzicht hebt over de baai van Wissant. Maar deze wonderbaarlijk mooie en boeiende wandeling gaat een heel eind verder dan alleen maar dat uitzicht, het brengt je namelijk dichter naarmate het einddoel in zicht is en waar velen dagjestoeristen zo naar hunkeren – momenten aan zee.

Gepakt en gezakt waren wij, voorzien van proviand en 4 liter vers water vooral, toen we vanochtend vertrokken. Gelukkig weegt nu de rugzak behoorlijk minder zwaar. We hebben lekker gegeten en zijn nu voorbij de middag. De beweeglijkheid wordt wat flexibeler, het fotograferen eenvoudiger, maar de dorst haast onverdraagzaam.

Twee vogelkijk-hutten kwamen we op ons pad tegen. Wat ik nooit geweten had, is dat aalscholvers in bomen broeden. Nu weet ik het vast wel, ettelijke dichtbevolkte nesten waren met de verrekijker op te merken. Zelfs de bomen en wiegende takken leken witgekalkt. Van communicatie gesproken, lawaaierig is deze soort watervogel wel, maar een lust voor het oog.

Wat was het toch snikheet in die duinen… Geen enkele boom waarbij je van zijn schaduw kon genieten – dan enkel naakte takken tot in de kruin. Lagere begroeiing van massa’s wilgen- en enkele hondsrozen waar zelfs de wildste haas geen doorkomen aan heeft, dicht begroeide bundels struiken en takken met venijnige doornen.

Eindelijk verkoeling, wind, strand, water en zee met massa’s surfers… en gelukkig een tapkraan met vers drinkwater, aha dat smaakt! Onze wandeling vervolgend over het druk in de wind surfende kiters zag ik iets ongewoons. Nooit geweten dat meeuwen enigszins artistiek zijn aangelegd. Op het zand van dat strand merkte ik iets op dat door een meeuw in zijn dolle vlucht was gedropt. Een witte vlek shit, waarbij ik voor onderstaande foto, een poot tekende.